13-08-2021

VERS magazine

VERS Film Awards: een feestje van alles wat

Wat voor shorts waren er te zien bij de VERS Film Awards? Heel verschillende! Dat diverse beeld is dan ook precies wat de organisatie voor ogen had. Ik bekeek ze alle veertien en zag ontzettend mooie, maar ook minder geslaagde films. Festus Toll schoot het beste werk, een trippy documentaire die hem de prijs van 10.000 euro opleverde. 


Wie afgelopen weekend Lab111 bezocht, kon zien hoe veelkleurig korte film kan zijn. Handenvol genres kwamen voorbij op het filmfestival, een driedaagse die erg plezierig was voor de biosganger met een brede interesse. Plaatsnemen in een zaal zonder reclame, een korte film zien, tien seconden adempauze krijgen voor de volgende film en in dat rappe tempo door allerlei verschillende verhalen, karakters en omgevingen racen. Half uurtje pauze en dan nog zo’n filmblok van zeven stuks, waarin je nog een keer van alles voorbij ziet komen. 

Criteria voor de ingestuurde films? Ze mochten maximaal een half uurtje duren, moesten op een bepaalde manier ‘relevant’ en ‘origineel’ zijn en afkomstig van een maker die eerder niet meer dan twee films had gemaakt. VERS haalt dus jong vlees in de kuip: nieuw talent is wat dit festival kenmerkt. En dat deert nergens, want de films zijn over het algemeen van hoge productionele kwaliteit, tonen uitstekend spel, originele werelden en leuke experimenten. 116 films werden er ingezonden, veertien geselecteerd voor vertoning. En ééntje kon er de allerbeste zijn…


Still: When you hear the divine call


In de prijzen

Dat werd de documentaire van Festus Toll. De regisseur maakte met When you hear the divine call een persoonlijke, maar zeer filmisch geschoten docu-droom over de zoektocht naar zijn Afrikaanse wortels. Poëtisch gefilmd, in een structuur die het geheel goed liet rijmen: oude videobeelden van zijn Keniaanse oom Mike, bliksem in de Afrikaanse lucht, close-ups van stampende Keniaanse dansers, zoekende jongeren in de straten van Nairobi, alles terwijl we luisteren naar oom Mike die ons wijsheden boodschapt als verteller van de film. Een film over het gevoel van ontheemd zijn in twee werelden en over hoe het is om thuis te komen in het land waar je niet geboren en getogen bent. Een trippy documentaire, waarmee Toll laat zien dat hij talent heeft voor film die hypnotiseert. De VERS Award leverde hem 10.000 euro op, te besteden aan zijn volgende film. 

Er zijn meer makers die in de prijzen vallen. Zij strijken een kleiner bedrag van 2.500 euro op voor hun werk. Prijs voor het beste scenario ging dit jaar naar Kom Hier, een Vlaamse fictie over de lieve Sam en diens leven als hondenverzorgster in een dierenasiel. De twee actrices lieten in deze film zien hoe mooi specifiek je kunt zijn met klein spel. De beste montage was voor Stuckwitu, een speelse film die inderdaad uitblonk met verrassende wendingen in tempo en intensiteit, en een paar dikke videoclipachtige frases. De publieksprijs, beloond met eer en een gratis screening in Lab111, was voor Baba, een documentaire die op surrealistische wijze een stukje Turkse migrantengeschiedenis in beeld brengt. 


Still: Baba


Maf, zwaar én leuk

Dat de films zo verschillend zijn, komt omdat de organisatie bij uitstek streeft naar een veelsoortige selectie. De jury van VERS stelt voorop dat ze zoveel mogelijk verschillende makers en films tonen. Sommige uitstekende films sneuvelen dan ook bij de selectie, simpelweg omdat ze te veel op andere films leken. Voor een festivalganger werkt dat verrassend, per film krijg je namelijk iets totaal anders te zien. Zo kijk je met Flora, een kunstige, wat ironische en weinig spannende film over een team Eminem-reciterende simulatie-strijders, zit je vervolgens bij Schaduw tot je terugkomt weg te zinken in een zwaarmoedig, vaalgeel gekleurd stuk film dat in zijn prachtig geschoten eindbeeld de horizon zo mooi het scherm in tweeën laat snijden, dat ze de prijs voor beste cinematografie (en ook 2.500 euro) wonnen. Fietsvakantie is hartelijk maar wel veel al te herkenbaar gitaargetokkel bij twee uit elkaar groeiende jeugdvrienden in een road movie, Charlie Z een af en toe hilarische mockumentary over een sociaal inepte amateurbokser en zijn minstens zo agressieve manager. Charlie die na een hardloopsessie uit woede over zichzelf op een veld maiskolven begint in te slaan, was een beeld om te herinneren.

De keuze om van alles wat te willen tonen, leidt er helaas ook toe dat niet elke film naar mijn idee een voldoende haalt. Er is een geest van mij wil vooral heel onbegrijpelijke arthouse blijven, terwijl in het prachtig geschoten Aarbei, de keus om de acteurs niets te laten zeggen meer onbegrip frustreert dan dat de film er beter van wordt. De enige film die voor mij negatief uit de toon viel, is Come Here Come Here, een slordige eenmans-documentaire over de vagina, masturbatie en/of het (gebrek aan) vrouwelijk orgasme. Er worden talloze vragen opgeworpen maar onbeantwoord gelaten, waardoor de film pijnlijk nietszeggend blijft. 


Still: Flora


Een prettig feestje

Al met al was het een prettig feest met van alles wat, dit weekend van de VERS Film Awards. Een weekend waardoor jonge makers elkaar weer konden ontmoeten, ze wisselden telefoonnummers en complimenten uit. Er waren praatsessies over scenarioschrijven, filmmuziek en authenticiteit. Er was een lollige quiz op de vrijdagavond en dat alles maakt het een driedaagse aan inspiratie en fun voor de makers en zeker ook voor de toeschouwers, die benieuwd zullen zijn wat voor moois deze mensen de komende jaren nog gaan maken. Benieuwd, dat geldt ook voor VERS zelf, dat inmiddels 25 jaar bestaat: rijp tijd om alvast uit te kijken naar nieuw talent, voor het 26e levensjaar.

 

Benne van de Woestijne


 

VERS VOLGEN

     

SCHRIJF JE IN
VOOR DE NIEUWSBRIEF